'Vader,' zei hij luid,  'vader. 'Ja mijn jongen,' zei zijn vader. Hij legde een potlood tussen de bladzijden van het boek en sloot het.   'Hij luistert' dacht Frits, 'maar ik weet nog niet wat ik ga zeggen. Ik weet het niet.' Het bonsde in zijn hoofd. 'Als ik nu niet spreek, gebeurt er iets verschrikkelijks.'